top of page

Welk effect heeft de coronapandemie gehad op (kwetsbare) kinderen?


Tijdens de coronapandemie waren er grote zorgen over de ontwikkeling van kinderen in deze periode van maatregelen en lockdowns. Speciaal waren er zorgen om kwetsbare kinderen zoals kinderen met autisme. Autistische kinderen ervaren problemen met sociale communicatie en repetitieve gedachten, gedragingen, en interesses. Zij geven vaak de voorkeur aan een voorspelbare omgeving en kunnen gestrest, angstig of verward raken bij onverwachte veranderingen. En tijdens de coronapandemie was immers weinig voorspelbaar…


De impact van de coronapandemie op kinderen met en zonder autisme


Het R.A.C.* onderzocht de afgelopen jaren wat de impact van de coronapandemie was op het functioneren van kinderen met en zonder autisme en hun gezinnen. Een uniek aspect van deze studie was dat er al voor de pandemie gegevens waren verzameld onder autistische kinderen (in verband met hun zorg) en ook onder kinderen zonder autisme (in het kader van de Generation R studie). Door emotionele en gedragsproblemen (zoals angst en agressie) zowel vóór als tijdens de tweede nationale lockdown (december 2020-mei 2021) te meten, kon de werkelijke verandering in problemen goed in kaart worden gebracht.


De coronapandemie zorgde voor een gemiddelde toename van emotionele en gedragsproblemen bij kinderen


Zoals te zien in de figuur hieronder, ervaarden kinderen zonder autisme tijdens de pandemie gemiddeld iets meer emotionele en gedragsproblemen dan voor de pandemie. Mogelijk komt dat doordat zij niet fysiek naar school konden en sociale contacten en activiteiten buitenshuis grotendeels wegvielen.



Kinderen met en zonder autisme hebben evenveel last van de coronapandemie


Autistische kinderen hadden tijdens de pandemie echter ongeveer even veel last van problemen in emoties en gedrag als in de periode daarvoor; in deze groep was geen duidelijke verandering te zien. Iets wat opvallend anders was dan de onderzoekers hadden verwacht. Mogelijk komt dit doordat sommige autistische kinderen juist baat hadden bij de (gestructureerde) maatregelen en lockdowns, omdat zij hierdoor minder sociale druk, uitsluiting en afwijzing voelden en daardoor minder stress ervaarden.


Opmerkelijk was dat de gemiddelde verandering in emotionele en gedragsproblemen niet verschilde tussen beide groepen. We kunnen dus niet zeggen dat kinderen zonder autisme meer (of minder) last hadden van de pandemie dan kinderen zonder autisme, of andersom.


Problemen vóór de pandemie voorspellend voor problemen tijdens de pandemie

Wat echter opviel in beide groepen, was dat de impact van de pandemie sterk afhankelijk was van hoeveel problemen een kind al had voor de lockdown: kinderen die al veel problemen in emoties en gedrag ervaarden, ondervonden een kleinere stijging, terwijl kinderen die voorheen weinig problemen hadden, juist een grotere toename van problemen ervaarden. Simpel gezegd: gemiddeld werden grote problemen niet enorm veel groter, terwijl kleine problemen dat gemiddeld wel werden. Mogelijk wordt dit verklaard doordat er bij de kinderen die reeds grote problemen ervaarden al voorafgaand aan de pandemie veel hulp aanwezig was, terwijl dit bij kinderen met minder problemen mogelijk niet het geval was. Dit is echter niet in deze studie onderzocht.


In de figuur is ook te zien dat kinderen met autisme zowel voor als tijdens de pandemie meer emotionele en gedragsproblemen hadden dan kinderen zonder autisme. Zij bleken dus ongeacht de pandemie meer problemen te ervaren. Het is bekend dat autistische kinderen in het algemeen vaker last hebben van psychische problematiek als angst, somberheid en opstandig gedrag (2).

Dit benadrukt het belang van tijdige en effectieve hulp om emotionele en gedragsproblemen zo snel mogelijk aan te pakken. Zo kunnen ernstigere problemen voorkomen worden en kan het welzijn van de kinderen verbeteren. Juist ook nu het coronavirus lijkt overgewaaid en het ‘normale’ leven weer in volle gang is.


Invloed van de mentale gezondheid van ouders tijdens de coronapandemie op kinderen met autisme


In de groep kinderen met autisme is ook informatie verzameld over het functioneren van ouders. Opvallend genoeg speelden de mentale gezondheid van ouders en hun sociale verbondenheid met anderen geen aantoonbare rol in de veerkracht of kwetsbaarheid van kinderen met autisme tijdens de pandemie.

Mogelijk komt dit doordat ouders in deze studie een relatief goede mentale gezondheid hadden en veel sociale steun ervaarden. Omdat deze steun en hulp al voorafgaand aan de pandemie gestart was. Of misschien zijn er andere, stabielere kenmerken van ouders, zoals hun persoonlijkheid of hun opvoedstijl, die een directer effect hebben op het functioneren van hun kind. Dit kan er ook op wijzen dat de eventuele uitdagingen en moeilijkheden die ouders ervaarden tijdens de pandemie niet een direct effect hadden op het gedrag en de emoties van hun kind.


De noodzaak voor maatwerk voor mentale gezondheid van (kwetsbare) kinderen tijdens een pandemie (of andere gezondheidscrisis)


De impact van de pandemie op emotionele en gedragsproblemen verschilde sterk tussen kinderen: Sommige kinderen ervaarden een toename van problemen, terwijl andere kinderen stabiel bleven of zelfs opbloeiden tijdens de pandemie. Vooral bij kinderen met autisme was deze variatie groot.


Er is meer onderzoek nodig om te kijken welke kinderen een toename en welke kinderen een afname van problemen laten zien in levensveranderende situaties, zoals bij een mogelijk nieuwe gezondheidscrisis. Misschien zijn hier bepaalde kenmerken van kinderen (zoals hun persoonlijkheid) of van hun omgeving (zoals het gedrag van hun ouders) te identificeren die samenhangen met een specifieke kwetsbaarheid of juist veerkracht.


De grote individuele verschillen, vooral bij autistische kinderen, benadrukken de behoefte aan maatwerk bij het bieden van hulp aan deze kinderen en hun ouders. Waar het ene kind met autisme meer baat heeft bij bijvoorbeeld een vaste dagstructuur, zal het andere kind meer gebaat zijn bij contact met docenten en klasgenoten, of bij het vinden van een uitlaatklep buitenshuis. Samen met het kind en het gezin zoeken naar wat voor hen werkt is dus belangrijk.


Veerkracht van kinderen in de toekomst


De coronapandemie heeft een unieke kans geboden om in kaart te brengen hoe levensingrijpende gebeurtenissen op groepsniveau impact hebben. Hoewel de actieve fase van de pandemie achter ons lijkt te liggen, is het waardevol om te blijven onderzoeken welke invloed de pandemie heeft (gehad) op het welzijn van kinderen, tijdens de actieve fase, maar ook in de nasleep tot op de dag van vandaag. Zo kunnen we kinderen van nu beter ondersteunen en hen helpen bij het opbouwen van veerkracht voor de toekomst.



Over de gastauteur: Deze blog is geschreven door Donna de Maat, postdoctoraal onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij richt zich in haar onderzoek vooral op emotionele en gedragsproblemen en veerkracht van kinderen. Daarnaast werkt zij ook als kinder- en jeugdpsycholoog in de praktijk, waar zij kinderen met uiteenlopende problematiek ziet voor diagnostisch onderzoek en behandeling. De gastblog is mede geschreven door onderzoekers Linda Dekker en Pauline Jansen.


Dit onderzoek is mede mogelijk gemaakt door het ZonMw COVID-19 programma (projectnummer: 10430022010007) en uitgevoerd onder leiding van dr. L.P. Dekker.


* Het Rotterdam Autisme Consortium (R.A.C.) is een samenwerking tussen de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) en drie grote GGZ-instellingen in de regio Rotterdam: Youz, Yulius en het Erasmus MC - Sophia Kinderziekenhuis. Hierin werken clinici (GZ-psychologen, KP-psychologen, psychiaters en anderen) samen met wetenschappers aan wetenschappelijk onderzoek rondom de (klinische) ervaringen en zorg voor gezinnen met autistische kinderen.


Referenties

(1) de Maat, D. A., Van der Hallen, R., de Nijs, P. F. A., Visser, K., Bastiaansen, D., Truijens, F. L., van Rijen, E. H. M., Ester, W., Prinzie, P., Jansen, P. W., & Dekker, L. P. (2023). Children with Autism Spectrum Disorder in Times of COVID-19: Examining Emotional and Behavioral Problems, Parental Well-Being, and Resilience. Journal of autism and developmental disorders, 1–12. Advance online publication. https://doi.org/10.1007/s10803-022-05846-y

(2) Lai, M. C., Kassee, C., Besney, R., Bonato, S., Hull, L., Mandy, W., Szatmari, P., & Ameis, S. H. (2019). Prevalence of co-occurring mental health diagnoses in the autism population: A systematic review and meta-analysis. The Lancet Psychiatry, 6(10), 819–829. https://doi.org/10.1016/S2215-0366(19)30289-5




1.980 weergaven

Comments


bottom of page